Voorste Kruisband reconstructie


Een kruisband is een gewrichtsband die centraal in de knie loopt. Dit ligament heeft een essentiële functie in de stabiliteit van de knie. De voorste kruisband kan scheuren omdat het kniegewricht tijdens een verkeerde beweging de schok niet goed heeft kunnen opvangen. Dit gaat meestal gepaard met een belangrijke bloeding en dus ook zwelling in de knie. Kruisbandscheuren kunnen ook in combinatie met andere knieletsels zoals meniscusscheuren of kraakbeenletsels optreden.

Indicaties

Bij een gescheurde kruisband kan pijn en een permanent gevoel van instabiliteit optreden. Het ‘door de knie zakken’ kan verdere beschadiging van het kniegewricht veroorzaken, bijvoorbeeld van de meniscus of het kraakbeen. Een gescheurde kruisband herstelt niet vanzelf. Vandaar dat het vaak nodig is de kruisband te herstellen. Hierbij worden pezen van de hamstrings gebruikt om een nieuwe kruisband te maken en te fixeren op de plaats van de oorspronkelijke kruisband (zie figuur).

Het anterolaterale ligament is een recent ontdekte gewrichtsband aan de buitenzijde van de knie. Samen met uw kruisband kan dit ligament eveneens scheuren. Indien dit het geval is kan uw chirurg bij forse instabiliteit beslissen om deze gewrichtsband tijdens dezelfde ingreep ook te herstellen

Artikel Indicaties1
Artikel Indicaties2

De Operatie

Bij de ingreep worden via een kleine incisie aan de binnenzijde van het onderbeen een of twee pezen van de hamstrings opgezocht. Deze pezen worden met schroeven, haakjes of plaatjes gefixeerd in bottunnels in het bovenbeen en scheenbeen om op die manier een reconstructie van de voorste kruisband te bekomen in zijn originele, anatomische positie. Op die manier wordt een nieuwe kruisband gemaakt.

Also ook het anterolaterale ligament wordt hersteld gebeurt dit eveneens door gebruik te maken van een van de hamstringspezen. Hiervoor zullen dan twee aparte sneetjes worden gemaakt aan de buitenzijde van de knie. Ook hier zullen de pezen in bottunnels worden gefixeerd, met behulp van speciale hiervoor ontwikkelde botankers.

De Revalidatie

De revalidatieperiode is grofweg te verdelen in drie perioden.

Eerste periode (van 0 - 6 weken)

Deze eerste weken zijn gericht op het herstel na de operatie. In deze periode wordt een beschermende brace gedragen. De aandacht is gericht op het genezen van de wonde, het (voorzichtig) omgaan met de knie en de beweeglijkheid en belasting van uw knie. Aan het einde van deze periode kan de  knie van 0 graden (= strekstand) tot ongeveer 120 graden buigen met volledige belasting (zonder krukken).

Tweede periode (6 - 12 weken)

In deze periode wordt de knie steds meer gebruikt. Traplopen, hurken en buiten fietsen worden geoefend. Aan het eind van deze periode wordt gestart met joggen in een rechte lijn. Als deze activiteiten zonder pijn en zwelling kunnen worden uitgevoerd, worden de oefeningen uitgebreid.

Let op: in deze tweede periode is de nieuwe kruisband op zijn zwakst. De knie funcioneert normaal, maar onverwachte bewegingen met de knie dienen te worden gemeden.

Derde periode (na 12 weken)

Na 12 weken wordt het oefenen geïntensifieerd. Fietsen wordt uitgebreid en lopen wordt gestart . Dit wordt progressief en onder toezicht van de kinesist opgebouwd.

 

Na 7 tot 9 maanden is de nieuwe kruisband volledig ingegroeid in de knie en kan maximale belasting toegestaan worden

Complicaties

Bij een voorste kruisbandoperatie kunnen algemene complicaties ontstaan, zoals een nabloeding, een wondinfectie en trombose. De kans op deze complicaties is klein.

Bij sommige patiënten ontstaat een doof gevoel naast het litteken. Dit komt omdat kleine zenuwtakjes naar de huid bij de operatie beschadigd raken. Meestal herstelt het gevoel na verloop van tijd, al kan dit tot een jaar duren, soms zijn de klachten blijvend.

 

In enkele gevallen kan de knie niet meer volledig gestrekt of goed gebogen worden. Dit kan het gevolg zijn van littekenweefsel in de knie. Hiervoor kan een chrirugische behandeling van het overtollig littekenweefsel nodig zijn.

Menu